"…precisiewerk, alleen het allerbeste is goed genoeg…"

Gitaren-Nostalgie

Tekst: Roelf Backus
Bijgewerkt: 08 februari 2015

 

Klik op de Link om het geluidsfragment te beluisteren. 
Use the Link to play the soundsample.

 

Egmond gitaren

Het jaar 1961. Nederlandse popgitaristen waaronder Peter (Koelewijn) and his Rockets en John Lamers & Cees and his Skyliners, speelden voornamelijk op Egmond gitaren.

De ex-stationschef U. (Uilke) Egmond uit Eindhoven en zijn zonen Gerard, Dick en Jaap begonnen in 1940 met één gitaar per week en produceerden er, in hun fabriek in Best (N-B) rond 1960 met 80 man personeel, ongeveer 100.000 per jaar, waarvan er 20.000 in Nederland bleven. ‘…Wat de Zwitsers bereikt hebben met hun horloges, dat willen wij bereiken met onze gitaren…’, zeggen de gebroeders Egmond, ‘…precisiewerk, alleen het allerbeste is goed genoeg...’ citeerde de Televizier uit 1960 de broers.

Duidelijke reclametaal, want in werkelijkheid stelden de Egmond gitaren niet veel voor en de wat meer gefortuneerde en kritische gitarist schafte zich liever een Höfner of Framus (René and his Alligators) aan.

 

René and his Alligators met Framus (model: 'Hollywood 3') gitaren.

Tielman Brothers

De Tielman Brothers konden zich toentertijd (1959) al topklasse gitaren veroorloven en speelden op de Gibson Les Paul, nadat ze daarvoor korte tijd op Egmond (Miller) hadden gespeeld. Miller was een submerk van Egmond en was het topmodel van de Nederlandse gitaarproducent. De Tielman Brothers stapten al vrij snel over naar Fender gitaren. De heldere en krachtige sound was bijzonder geschikt voor de zich ontwikkelende IndoRock.
(geluidsfragment: Tielman/Gibson)



Voor de aankomende gitaristen en groepen waren deze gitaren echter nauwelijks verkrijgbaar en vooral: onbetaalbaar. Zelfgemaakte gitaren, versterkers en luidsprekerkasten. Het vervoer: achter op de brommer. Voor fl. 50,- konden we bij iemand in de buurt een Dynacord echo huren. De complete band-gage was dat, maar echo maakte een hoop goed. Na het succes van de Shadows kon je eigenlijk niet meer zonder. De eerste Fender gitaren kwamen met de Indogroepen via Duitsland naar ons land en uiteindelijk waren ze ook in Nederland verkrijgbaar.


Fender

De importeur was De Koekkoek N.V. in Alkmaar. Zo'n naam als een klok vergeet je nooit meer! Op zondag reden we op de fiets of Puch naar Gerritsen in de Boekhorststraat in Den Haag. Daar stond zo’n sunburst Fender Stratocaster op een ronddraaiend plateau in de etalage: fl. 1041,- ! Dat was héél véél geld begin jaren '60, en in (Shadows-) Fiesta Red gespoten kostte hij zelfs fl. 70,- méér. Bij Bas van der Rest op het Westeinde was het contact met deze -bijna onbereikbare- beauty nog iets inniger, daar stond zo'n Hank-Marvin-Rode-Stratocaster vlak achter de etalageruit op borsthoogte op dertig centimeter afstand, gescheiden door slechts 4mm beduimeld en bewasemd etalageglas. …Die ongelijke magneetpooltjes van die elementen, was dat nou een constructiefout of slechte afwerking en waarom stond dat ene element nou schuin?…

Er volgden meer Fender gitaren: de Jazzmaster (fl. 1257,-), de Jaguar (fl. 1365,-), de Telecaster (fl. 800,-), de Jazz Bass (fl. 1005,-) en de Precision Bass (fl. 828,-). De versterkers: de Showman 85 watt (fl. 2445,-), de Bandmaster 40 watt (fl. 1360,-), de Tremolux 30 watt (fl. 1200,-) de Bassman 50 watt (fl. 1605,-) en dan nog een Fender gitaarkoffer van fl. 200,- of een galmveer-unit voor fl. 522,-. De Bass VI, iets heel bijzonders: een zessnarige basgitaar, kwam pas veel later naar Nederland en is vooral door Jet Harris (na bassist bij The Shadows een solocarrière begonnen) en de Tielman Brothers bekend geworden. 
(geluidsfragment: Jet Harris met Fender Bass-VI).


René and his Alligators

Hoewel René in de Rocking Sensation Boys op een Egmond speelde, heeft hij die periode -héél verstandig- kort gehouden. Al vrij snel gebruikten de Alligators de Duitse Framus gitaren, die een stuk beter klonken en speelden. (Alligators Dance, Gipsy Rock 1961).
(geluidsfragment: Framus-sound)


René was één van de eersten met een Fender Jazzmaster (Guitar Boogie 1962, Two Guitars 1963 en daarna…) in Nederland, begin jaren ’60. Voor de gewone gitaarspelende amateur was enige contact met Fender het kijken in etalages en folders en tijdens de spaarzame concerten of loeren door nachtclubraampjes.

René (17j.) met Egmond gitaar. Rechts: Shirley Zwerus (14j.).

Toen we wat brutaler werden, bleef het niet bij folders halen en kijken alléén. We reden naar Nico Servaas in de Schoolstraat. Daar kon je ook voorzichtig een gitaar uit het rek pakken en erop spelen. Het werd er een ware sociale ontmoetingsplaats. Zoals de één naar een café ging, zo ging de ander naar Servaas. En soms liepen er natuurlijk ook beroemde artiesten rond!


Amicitia Den Haag

In Amicitia op een jongerenavond was het effect van die nieuwe Fenders ronduit verbijsterend. Zwaargekuifde stuiptrekkende gitaristen met maillotstrakke broekspijpen en speerscherpe puntschoenen, geselden hun gitaren en versterkers (30-40 watt) tot het uiterste om er nog enig acceptabel zaaloverstemmend volume uit te persen. Opeens, tussen al dat modderige Egmond- en Höfner-geluid, was daar die knallende, heldere en bijtende Shadows-sound van The Atmospheres met Robbie van Leeuwen (Shocking Blue) als sologitarist op een Stratocaster.
Vooral in navolging van The Shadows schaften zich al snel meer groepen Stratocasters aan en het mooiste, meest heldere en doorklinkende geluid had volgens mij toch wel Hans van Eijk van The Jumping Jewels. Luister hieronder maar eens naar een stukje van Dakota.
(geluidsfragment: het Stratocastergeluid) 


Ook indrukwekkend was het 'neuzige' surfgeluid van René and his Alligators met hun Fender Jazzmasters. Pee White and the Magic Strangers konden zich zelfs met een gedurfde motorfietsenact op het podium niet meer omtoveren tot de muzikale knaller van die avond. Ze werden genadeloos geveld door hun zoete en wollige Höfner gitaarklanken.

Höfner gitaren waren uitgerust met dubbelspoels humbucker-elementen, die van zichzelf al een wat warmer en minder sprankelend geluid gaven.

Vrijwel alle Indo groepen speelden uiteindelijk op Fenders. Ze gebruikten vooral Jazzmasters samen met Fender versterkers in navolging natuurlijk van de Tielman Brothers. Deze gitaar-versterkercombinatie, met de Jazzmaster gitaar dan ook nog voorzien van dikke snaren, soms tot twee-en-een-halve toon lager gestemd, gaf -met beide elementen tegelijkertijd ingeschakeld- een wel zeer karakteristieke sound. Luister ook eens naar: ‘Let’s do the Slop’ van René and the Alligators, met een zeer laag gestemde Jazzmaster.
(geluidsfragment: laaggestemde Jazzmaster)


Andy Tielman

En dan Andy Tielman zelf: een metallic blauwe Jazzmaster, met vier extra stemmechanieken, de vier middelste snaren in octaven gedubbeld, een Fender Dual Showman (buizen en met James B. Lansing speakers) een Klemt "Echolette" (buizen) bandecho... en natuurlijk z’n onnavolgbare speelstijl...

Andy Tielman: een metallic-blauwe Jazzmaster met 10 snaren, Hans Bax: een witte Jazzmaster, 
Robbie Latuperisa & Reggie Tielman ieder met een witte Fender Bass VI.

 

Hieronder enkele geluidsfragmenten uit Java Guitars (1962) van The Tielman Brothers:

 

geluidsfragment: Jazzmaster neck-element.

geluidsfragment: Jazzmaster neck-element.

geluidsfragment: Jazzmaster bridge-element.

 

De Echolettes zijn er niet meer, de Lansings worden niet meer gemaakt, de Jazzmaster elementen worden in Japan gemaakt en niet meer zo breed en dun opgewikkeld terwijl de Fender versterkers al te veel modificaties hebben ondergaan waarbij andere, modernere componenten en chips worden gebruikt voor het ontwerp en bij de assemblage.

 

Een onvergetelijk gitaargeluid zoals we het nooit meer live zullen horen....

 

Gepubliceerd in het informatieblad van de
Stichting Indo-Rock (SIR) Jaargang 5 nummer 18
juli 1997

Bijgewerkt: 08 februari 2015

Roelf Backus' Muziek, Oor & Gehoor Site

 


Venster Sluiten